In Nederland dromen hele volksstammen tweeverdieners (Urban Arrow; tophypotheek, astronomische kinderopvangbijdrage) van een eigen volkstuintje. Lekker zelf aubergines, komkommers en sperziebonen verbouwen op tot voor kort zwaar vervuilde grond tussen de spoorlijnen, onder (of vaker: in) de rook van de grote stad.
In Frankrijk ligt dat toch net even wat anders. Ook Vincent ‘Vince’ Marie voldeed enigszins aan voornoemd daderprofiel: eerder werkte hij in de sportmarketing. Maar hij zag het licht in de vorm van ‘wijnmaken’. Eerst ging hij in de Elzas aan de slag bij niemand minder dan Patrick Meyer. Op zoek naar eigen wijngaarden kwam hij in de zinderzuivere Auvergne terecht, in de buurt van Volvic, ten noorden van de Puy de Dôme.
Daar heeft hij nu ruim 6 hectare wijngaarden tot zijn beschikking, grotendeels met een vulkanische ondergrond (basalt). Voornamelijk gamay maar ook chardonnay, pinot noir en syrah. Vanzelfsprekend bewerkt hij zijn wijngaarden biodynamisch, die ook deels met een paard worden geploegd. In de volkstuinen zien ze je aankomen.
Dat naast natuurwijn (rock-)muziek een grote liefde is van Vince behoeft weinig toelichting. Zo is zijn domein vernoemd naar een album van Bad Religion, No Control. Dat laatste illustreert ook zijn werkwijze: laat maar gaan die druiven. In dit geval is dat pinot noir die hij overigens heeft aangekocht van een bevriende wijnboer elders in Auvergne.
En beiden stellen hun vriendschap niet op de proef. Druiven: top. Resultaat: heerlijk. Ongepoetste, licht-boersige pinot noir. Wilde kersen, dit pruimpjes, struikje groenkruid, ongeremde zuren.
Slank, rank, dorstlessend en spiritueel.
Net genoeg Pour 2, voor twee. Maar in je eentje krijg je z’n fles ook leeg. Doordrinkfactor: gevaarlijk hoog.